Home
Introductie
Contact
Behandelingswijzen
Nieuws
Ambrosia
Ziekte van Raynaud
Ziekte van Lyme c.a.
Parkinson/Alzheimer
Gen/Glutenallergie
Allergie anders
Aspartaam
Hulda Clark
Spierscheuren anders
Mondbacterie/hersens
Consulttarieven
In English
Auf Deutsch
En Francais
Telefonischspreekuur
Openingstijden
Zo vindt u mij
Sitemap



NRC HANDELSBLAD 

Invloed op dunne darm 

Gen maakt kans allergie gluten hoger 

Door onze redactie wetenschap 

ROTTERDAM, 15 November 2005 

Een tot nu toe onbekende genvariant vergroot het risico op glutenallergie met bijna zeventig procent. Mogelijk zorgt het gen ervoor dat de darm meer doorlatend wordt, wat ontstekingsreacties veroorzaakt. 

Nederlandse onderzoekers publiceerden gisteren over de ontdekking in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Genetics. Het gen, myosine IXB genaamd, is het tweede ontdekte gen buiten het immuunsysteem dat het risico op glutenallergie vergroot. Patiënten met glutenallergie of coeliakie verdragen geen tarweproducten vanwege de gluteneiwitten die in het graan zitten. De ziekte is erfelijk: waarschijnlijk dragen tientallen genen er aan bij. Eén op de honderd tot tweehonderd Nederlanders lijdt aan coeliakie. De symptomen zijn onder andere buikpijn, vermoeidheid, ondervoeding en botontkalking. De enige remedie is een levenslang glutenvrij dieet. De Nederlands-Amerikaanse onderzoeksgroep, waarin het Universitair Medisch Centrum Utrecht de grootste bijdrage leverde, deed onderzoek onder Nederlandse broers en zussen met glutenallergie. Van hen bezat bijna veertig procent de nieuw ontdekte myosine-variant. In een vergelijkbare groep gezonde mensen was de variant schaarser: dertig procent van hen was drager. Mensen die één kopie van de genvariatie bezitten, hebben 66 procent meer kans op de ziekte; bij twee kopieën is het risico nog twee keer zo groot. Wat er precies anders is aan de myosine-IXB-variant is nog onduidelijk. Ook de functie van het gen is nog niet bekend. De genetische code van het gen wijst erop dat het de samenhang van cellen verandert. Mogelijk zorgt dit ervoor dat de darmwand doorlatender wordt voor gluten, wat ontstekingsreacties kan veroorzaken bij patiënten. Het bekendste gen voor coeliakie is nog altijd HLA-DQ2, dat deel uitmaakt van het immuunsysteem. Het overgrote deel van de patiënten heeft deze HLA-variant. HLA-DQ2 komt echter ook bij veel gezonde mensen voor. Daarom moeten ook andere genen, buiten het immuunsysteem, aan de ziekte bijdragen. Enkele jaren geleden werd een variant van het gen CTLA4 ontdekt. Deze vergroot het risico op glutenallergie, maar ook op verwante ziekten. Het is nog onduidelijk of myosine-IXB wel specifiek is voor coeliakie. De vondst van de variatie in myosine-IXB is het gevolg van een wereldwijd genetisch databestand waarmee nieuwe genvarianten worden opgespoord. De eerste versie van het bestand, de Hapmap, bevat gegevens over miljoenen varianten van het menselijk genoom.